Loading

Wedstrijdreglement

1. Wedstrijd Alle categorieën spelen een wedstrijd op tijd die bestaat uit 2 sets. Op het moment van het eindsignaal geldt de stand van dat moment. De rally wordt niet meer afgemaakt. Evenzo de kruisfinales.

2. Puntentelling Er wordt gespeeld volgens het rallypointsysteem. Elke gewonnen wedstrijd levert 2 wedstrijdpunten op; bij gelijke stand krijgt ieder team 1 punt. Het team met de meest gescoorde wedstrijdpunten eindigt op de 1e plaats. Bij gelijk eindigen in een poule beslist het saldo van het aantal voor en tegen gescoorde punten. Is dan het saldo alsnog gelijk, dan geeft het onderlinge resultaat naar wedstrijdpunten de doorslag.

3. Wedstrijdbal Er wordt alleen gespeeld met de bal van de organisatie.

4. Spelerswissel Een team bestaat in competitiepoule uit 2 spelers, in recreatiepoules uit 3 spelers. Indraaien van wisselspelers is toegestaan in recreatiepoules.

5. Veldwissel Na elke 7 door beide teams gezamenlijk gescoorde punten wordt van veld gewisseld, alleen wanneer het spel door weersinvloeden (zon of wind) wordt beïnvloed.

6. Pauzes Tussen de wedstrijden liggen slechts 2 minuten. Als een team niet tijdig speelklaar is, wordt de wedstrijd verloren verklaard met verlies van 2 punten.

7. Opslag Het eerstgenoemde team begint met de opslag.

8. Time-outs Zijn niet toegestaan.

9. Arbitrage Van elk team wordt verwacht dat er een SCHEIDSRECHTER EN EEN BORDTELLER wordt geleverd. Dit staat in het speelschema aangegeven. Bij niet op komen dagen van arbitrage krijgt het desbetreffende team punten in mindering.

10. Voetfouten Er is geen middenlijn. Een speler mag in het veld van de tegenpartij komen, mits de tegenstander daardoor niet direct of indirect wordt gehinderd.

11. Holdbal De zogenaamde holdbal waarbij twee spelers aan het net proberen de bal naar elkaars veld te drukken is toegestaan. Na dit drukduel mag er door het team dat de bal aan hun kant krijgt nog 3 keer gespeeld worden.

12. Servicepass De service mag bij 2×2 niet bovenhands (zacht) worden gepasst. Het bovenhands opvangen met een harde techniek is wel correct. Bij 3×3 mag de service wel bovenhands (zacht) worden opgevangen.

13. Set-up Een mislukte set-up, mits technisch goed, die over het net gaat, is niet fout.

14. Aanval Mag alleen met hard contact worden uitgevoerd (smash, geslagen boogbal, knokkels, vingertoppen, vuist, onderhands enz.) Het is dus niet toegestaan de aanval uit te voeren door middel van de push- of duwtechniek waarbij met de vingers richting wordt gegeven aan de bal. Als uitzondering geldt een bovenhandse aanval, waarbij de balbaan loodrecht op de schouders staat van de uitvoerder.

15. Blokkering Telt als eerste aanraking, daarna mag dus nog maar 2 keer gespeeld worden. De blokkeerder mag wel zelf de 2e bal spelen

16. Verdediging Alleen een hard geslagen bal mag ‘vies’ (langer of meervoudig contact) worden verdedigd. Een boogbal en een boogbal via de netrand of blok mag als niet hard geslagen bal worden beoordeeld. Een dergelijke rallypass mag dan ook niet bovenhands (zacht) gespeeld worden. Het bovenhands opvangen met een harde techniek is altijd correct.

17. Sportiviteit Het is bij beachvolleybal een goed gebruik om de scheidsrechter te informeren over in- en uitballen, touches, netfouten en dergelijke als de scheidsrechter dit zelf niet kan waarnemen. Beslissingen van de scheidsrechters zijn bindend. In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist de toernooileiding.

18. Verantwoordelijkheid De wedstrijdleiding neemt geen enkele verantwoording voor eventuele ongevallen, vermissingen, beschadigingen, etc. voor, tijdens of na afloop van het toernooi